1. Dierlijke egel
Verwijst naar het echte dier: een klein, stekelig zoogdier dat vooral 's nachts actief is en insecten eet.
- Ik zag vanochtend een schattige π¦ in de tuin.
- Pas op, er zit een π¦ onder de bladeren.
- π¦ zijn nachtdieren, dus ik hoorde er een ritselen.